- Share
- Favorite
- Request download ?Message the author to enable downloading file.
-
Also on LinkedIn
- More...
Loading...
Flash Player 9 (or above) is needed to view slideshows. We have detected that you do not have it on your computer.To install it, go here
Slideshow Transcript
- Slide 1: Crossmedia: Communiceren in een veranderende medialandschap Indira Reynaert Zelfstandig adviseur en docent Universiteit Utrecht 7 mei 2007 Masterclass Crossmedia i.s.m. Media Plaza Utrecht
- Slide 2: Opbouw masterclass • Crossmedia een term uit deze tijd • Conceptvormen • Internet, lijm van het crossmedia concept • Sociale media en UGC • Crossmedia en usability • Design issues
- Slide 3: Waarom crossmedia? • Voor een groter bereik • Ter versterking van een boodschap (campagne) • Nieuwe mogelijkheden om klanten te binden • Méér inhoudelijke kennis over de mogelijkheden van nieuwe media en internet-trends • Aanspreken van jonge en nieuwe doelgroepen • Nieuwe verdienmodellen • Versterken van de betrokkenheid met een merk • Om te leren begrijpen wat het precies is en wat ik er mee kan
- Slide 4: Verschillende interpretaties • Xmedia Works: “Bij crossmedia projecten worden verschillende media ingezet om op een zo efficiënt mogelijke manier te communiceren met een doelgroep” • Professional Imaging: “Crossmedia is de naam van de markt die ontstaat doordat vakgebieden uit de grafische en fotografische disciplines in elkaar versmelten” • NOB Multimedia Uitzendbedrijf: “zorgt ervoor dat omroepen hun programma’s crossmediaal kunnen uitzenden via zowel ‘aardse’ zenders als via kabel, satelliet, internet en draadloze outlets”
- Slide 5: Wat is crossmedia • Hoe crossmedia wordt geïnterpreteerd hangt sterk af van de discipline
- Slide 6: Disciplines Content Marketing (campagne) Entertainment (formats) Communicatie / Journalistiek Storytelling Usability Sociale media Techniek (distributie en uitgeven)
- Slide 7: Consensus… • Crossmedia te maken heeft met het inzetten van verschillende media om doelgroepen te bereiken en aan te spreken… • Crossmedia in ruime zin is niets meer dan een middel of een manier om op ‘geïntegreerde’ wijze een communicatiedoelstelling te behalen (strategie). • Crossmedia, nieuw? Waarom een term van deze tijd?
- Slide 8: Crossmedia… nieuw? (print naar film) storytelling De troubadour (viraal naar print) Drukpers (print)
- Slide 9: Internet van bedreiging naar kansen • Crossmedia als term dook op toen (traditionele) mediamakers (print, televisie) zich beseften dat nieuwe media op zichzelf staan en machtiger zijn dan verwacht • Nieuwe media werden gezien als concurrent en / of bedreiging • Samenwerking tussen mediavormen kan oplossing zijn • Nieuwe doelgroepen bereiken, binding, nieuwe inkomsten
- Slide 10: Nieuwe media Kenmerkt zich aan: • Multimedialiteit • Virtualiteit • Connectiviteit • Interactiviteit (Joost Raessens, 2002) • Remediatie
- Slide 11: “oud” en “nieuw” 100 90 80 70 60 oude media 50 nieuwe media 40 30 20 10 0
- Slide 12: Crossover-communicatie • Een communicatie doelstelling kan uit meerdere doelstellingen bestaan. • Door meerdere media in te zetten kunnen er meerdere doelstellingen behaald worden. • Om méérdere doelstellingen te behalen is crossover-communicatie (De Haas) gewenst. • Motivatie van de consument om over te gaan tot crossover-communicatie is dátgene waar we naar opzoek zijn.
- Slide 13: Wat is hier de motivatie van de consument om over te gaan tot crossover-communicatie? (van televisie naar mobiel)
- Slide 14: Conceptvormen Bij het afhankelijk concept zijn de ingeschakelde media afhankelijk van • Afhankelijk concept elkaar en kunnen niet afzonder van elkaar functioneren. • Autonoom concept Bij het autonomen concept hebben de ingeschakelde media een autonome rol en kunnen los van elkaar functioneren. • Supersystem Echter de samenwerking versterkt de ‘merkbeleving’. De mate van samenhang tussen de ingeschakelde media en heeft invloed op het gedrag van de gebruiker, dat overschakelt van het ene medium naar het andere, het zgn. cross-over communicatie. Bij het afhankelijk concept ligt de drempel doorgaans lager, maar kan de push te groot zijn. In de praktijk liggen de concepten tussen deze twee theoretische concepten in.
- Slide 15: Afhankelijk en autonoom afhankelijk autonoom M1 M1 M2 M3 M3 M2 Wakker worden met Valerio Diario de Sófia TBBC Idols Life and Cooking
- Slide 16: In hoeverre kan de huidige consument gestuurd worden in het overschakelen van het ene medium naar het andere?
- Slide 19: Entertainment Supersystem Pokémon: Pikachu Game N64 Trading cardgame TVseries Merchandise A ‘network’ of intertextuality constructed around a figure or group of figures from pop culture. […] In order to be a supersystem, the network must cut across several ,modes of image production; must appeal to diverse generations, classes, and ethnic subcultures, who in turn are targeted with diverse strategies; must foster “collectability” through a proliferation of related products; and must undergo a sudden increase in commodification, the succes of which reflexively becomes a “media-event” that dramatically accelerates the growth curve the system’s commercial succes. (M. Kinder, 1991)
- Slide 20: Supersystem
- Slide 21: Supersystem
- Slide 22: Supersystem
- Slide 23: Toegevoegde waarde van nieuwe media • Als Gandhi een webcam had…? • Content (re)organiseren en verspreiden door middel van verschillende mediavormen. • De verschillende mediavormen hebben specifieke kwaliteiten (unique selling points) die optimaal benut worden. • Elk ingeschakeld medium maakt deel uit van het (overkoepelend) concept, maar kunnen afzonderlijk van elkaar verschillende doelstellingen hebben.
- Slide 24: unique selling points Volgens Janneke Niessen (DQ&A) • Televisie • Radio • Print • Internet
- Slide 25: unique selling points per medium Televisie • Emotionele impact (visueel) • Breed bereik • Snelle bereiksopbouw •…
- Slide 26: unique selling points per medium volgens Niessen Radio • Snelle bereiksopbouw • Genereren naamsbekendheid • Goedkoper t.o.v. TV • Lage zapp-frequentie • ….
- Slide 27: unique selling points per medium volgens Niessen Print • Bereik selectieve doelgroep door segmentatie • Lezersbinding • ….
- Slide 28: unique selling points per medium volgens Niessen Internet • Interactie met doelgroep • Specifieke doelgroep bereiken • Meetbaar • ….
- Slide 29: Niet te vergeten… • Mobiele telefonie • Games • 3D communities (Second Life) • Live Events • Er zijn nog weinig praktijkvoorbeelden bekend waarin Games en 3D communities binnen een crossmedia concept verwerkt worden.
- Slide 30: Internet de lijm van het crossmedia concept • Bij de meeste crossmedia concepten vormt internet de lijm tussen de ingeschakelde media. (Christy Dena) • Veel gebruikte internetconcepten op dit moment zijn: – Hyves.nl – You Tube – FlickR Dit is heel logisch gezien empowerment een grote rol speelt
- Slide 31: Uses & gratification benadering en psychologische oorsprong van behoeften Bestudeert de de sociale die verwachtingen wekken ten aanzien van massamedia of andere bronnen. (Katz, Blumler en Gurevitch, 1974) Nieuwe media • Social escapism • Informatie • Interactieve mogelijkheden • Sociale contacten • Privacy • Economische motieven (Korgaonkar, Wolin, 1999) • Empowerment: I am in Control! – Any time, any place, anywhere. – Consument wordt broadcaster – Hoe uit dat zich?
- Slide 32: User Generated Content Empowerment
- Slide 33: User Generated Content User Generated Content = Generation C + Social + s Simplicity. (Polle de Maagt, 2007)
- Slide 35: User Generated Content = Generation C + Social + Simplicity • Generation C slaat op de groep mensen (ongeacht de leeftijd - ondanks dat het nu veelal jongeren zijn) die heel veel informatie (Content = C) op internet beschikbaar stellen en privacy soms nauwelijks belangrijk lijken te vinden. • Waarom doen mensen dit? Omdat (1) iedereen zijn/haar creativiteit wil uiten en (2) de makers van 'content-creating' tools (en de penetratie van internetaansluitingen) ons in staat stellen om onze creativiteit te uiten (voorbeelden te over zoals Hyves, Sugababes, YouTube, etc.)
- Slide 37: User Generated Content = Generation C + Social + Simplicity • Het aspect Social slaat op het feit dat de mens als sociaal wezen ook graag zijn ervaringen en informatie deelt. Het internet, en met name web 2.0 (sociale web) toepassingen, stelt de mens daar steeds beter toe in staat (Hyves, YouTube, FlickR, en nu óók Twitter e.v.a.)
- Slide 38: jdlijn van de sociale media
- Slide 39: 7 bouwstenen voor het sociale web
- Slide 40: Twitter
- Slide 43: Twitter cijfers (+/_ 450 NL gebruikers) Bron: Twitterfacts.blogspot.com
- Slide 45: User Generated Content = Generation C + Social + Simplicity • Simplicity is de derde belangrijke factor in UGC. Mensen moeten eenvoudig hun content kunnen creeëren en delen. Denk aan snel een video-tje of foto uploaden (YouTube, Flickr, etc.) of snel een blog aanmaken (Web-log, Blogger, etc.)
- Slide 46: Monitoren UGC • Hoe gaan mensen met jouw merk aan de haal. • Monitoren met tools als Technorati, Google Blog Search en Alexa. Maar minstens zo interessant is om te kijken naar wat men associeert met jouw merk. • De opkomst van tagging vertelt ook veel over de merkbeleving van mensen. – Bijvoorbeeld Flickr met tag heineken
- Slide 47: A folksonomy is a user generated taxonomy (classificering) used to categorize and retrieve Web pages, photographs, Web links and other web content using open ended labels called tags.
- Slide 48: Nederlanders lopen nog niet warm voor een socialer internet t.o.v. de rest van de wereld, maar begint te groeien (3 mln. Hyve-accounts). Gemiddels 2,3 sociale accounts
- Slide 52: Crossmedia & usability • Bij crossmedia-communicatie nodigt het verhaal de gebruiker uit om een cross-over van het eerste medium naar het volgende te maken (Bron: M. De Haas, Dondersteen). • Usability is de mate waarin een product (bv. website) door bepaalde gebruikers in een bepaalde gebruikersomgeving (bv. browser) kan worden gebruikt om bepaalde doelen (bv. informatie zoeken) effectief, efficiënt en naar tevredenheid te bereiken. (Bron: ISO DIS 9241-11, Guidance on usability)
- Slide 53: Tussen print en digitaal • Print brengt verdieping op korte digitale items. • Geef de gebruiker niet het gevoel iets gemist te hebben. • Verwijzen naar mediumspecifieke content.
- Slide 54: Crossmediale verwijzing • Stemmen (polls), • Discussie (forum) • Downloads als foto, videomateriaal (You Tube) en pdfs (statuten) • Actuele stand van zaken (wat zijn we aan het doen?) • Niet “voor meer informatie www.mijnwebsite.nl” Wél www.mijnwebsite.nl/nieuws/vandaag.htm • Reageren op een artikel: – www.mijnwebsite.nl/forum/dit_artikel.htm
- Slide 55: Crossmediale verwijzing Van digitaal naar print • Diepte interviews • Uitgebreide en lange artikelen • Wetenschappelijk onderzoek • Korte losse items met gemeenschappelijk thema gebundeld aanbieden • Lees het volledige artikel in: Cosmopolitan, jaargang 4, nr. 12, pag. 60
- Slide 56: Design Issues • Hoe houd je publiek betrokken als het publiek zich niet betrokken voelt bij het medium? • Hoe stimuleer je de doelgroep in het overgaan tot crossover-communicatie? • Hoe werk je naar een plot als niet alle componenten uit het verhaal/totaal concept door gebruikers opgenomen wordt? • Wat zijn de affordances en de beperkingen van een platform? • Hoe verspreid ik mijn content over de verschillende media? Waar moet ik knippen?
- Slide 57: Design Issues • Hoe speek je een massapubliek individueel aan? • Welke combinatie van media werkt het beste? • Hoeveel mensen gaan gebruik maken van die media en wanneer? • Welk deel van de content wordt het beste ervaren in welke mediavorm? • In welke mate is het concept nog interessant als een gebruiker laat instapt?
- Slide 59: Hartelijk dank voor uw aandacht • indira@existenz.nl • www.existenz.nl • www.crossmedialog.nl


